Meer over het gebouw

De bouw van de Regenboogkerk is het sluitstuk geworden van het reeds decennia lang lopende “Samen op Weg” proces.
Dit proces beoogde de bestaande Nederlands Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken en de Evangelisch Lutherse kerk te doen samengaan in één kerkgemeenschap. Dit landelijke proces diende voor een deel te worden ingevuld door de plaatselijke kerken. In Hilversum is men hier reeds in een vroeg stadium mee begonnen. Er werd een overleg orgaan gerealiseerd met de initialen CK/KAZ. Deze stonden voor “Centrale kerkenraad van de Nederlands Hervormde gemeente te Hilversum en de kerkenraad Algemene Zaken van de Gereformeerde kerken te Hilversum”.

De ontkerkelijking, die reeds in de zestigerjaren was begonnen, vroeg van de CK/KAZ o.a. aandacht voor de financiën en het vrij grote aantal kerkgebouwen. Het reeds genoemde proces van ontkerkelijking had tot gevolg dat b.v. tussen 1982 en 1992 het kerkbezoek met 40% was teruggelopen. De CK/KAZ stelde in 1990 een commissie “Meerjarenplan” in die de totale kerkelijke situatie in beeld moest brengen met daarbij aanbevelingen voor de toekomst. Dit rapport werd door de genoemde commissie genoemd “Samen op Weg naar 2000” en werd aangeboden aan de “commissie Meerjarenplan” in februari 1992. Voor wat de gebouwen betreft werden aanbevelingen gedaan voor het terugbrengen van het aantal wijkgemeenten en afstoten van kerkgebouwen. N.a.v. dit rapport stelde de CK/KAZ een “commissie van 3” in die moest rapporteren over welke kerkgebouwen bij een nieuwe geografische wijkindeling het beste konden worden behouden en welke afgestoten diende te worden. Mede door vervolgopdrachten legde de commissie van drie haar bevindingen en aanbevelingen vast in 3 rapporten welke de titel kregen van “Kerken Perspectief” (maart 1994), “Kiezen en Delen” (oktober 1994) en “Bouwen en Opbouwen” (oktober 1995). De aanbevelingen van de commissie werden door de CK/KAZ overgenomen wat betekende dat er 2 nieuwe kerkgebouwen zouden worden gerealiseerd en 4 bestaande kerkgebouwen te weten Zuiderkerk, Torenlaankerk, Goede Herderkerk en Ontmoetingskerk, verkocht werden aan de burgerlijke gemeente Hilversum voor een bedrag van zeven miljoen gulden. De commissie van drie werd benoemd tot bouwcommissie (BC) met de toevoeging van 2 nieuwe leden, waardoor de bouwcommissie haar taak begon met de opdracht om 2 nieuwe kerkgebouwen te realiseren ter vervanging van 4 verkochte kerkgebouwen.

Werkwijze van de bouwcommissie.
Het basis uitgangspunt voor de BC is geweest “de criteria voor nieuwbouw” zoals vastgelegd in het rapport Kerken Perspectief bijlage 7 en dat door de CK/KAZ en de wijkkerkenraden was aanvaard. I.v.m. de kosten van de kerkbouw waren de criteria in twee opties gesplitst te weten: “minimale en wenselijke opties”. Verder stelde de BC criteria vast voor de architecten keuze en de keuze van aannemers. De BC had een lijstje met namen van architecten, maar ook vanuit de wijkgemeenten werden namen aan gedragen. Op de lijst stonden 11 architecten. De BC maakte een eerste voorlopige selectie. Hierdoor werd de lijst teruggebracht tot 6. De BC nodigde deze architecten één voor één uit voor een gesprek. De eerder opgestelde criteria waren o.a. affiniteit met kerkgemeenschap en kerkbouw, modern eigentijds gebouw wat ook over 50 jaar nog redelijk modern zou kunnen zijn, het realiseren van een kerkgebouw op de aangegeven locatie voor een bedrag van 2,5 miljoen gulden exclusief grond en interieur en een gebouw wat redelijk multifunctioneel zou zijn. Na de genoemde gesprekken werden 2 architecten uitgekozen voor een vervolg gesprek. Twee architecten, omdat de BC besloten had dat het wenselijk zou zijn dat de 2 kerkgebouwen een eigen uitstraling dienden te krijgen.
Voor de Regenboogkerk werd na het genoemde gesprek de heer Ben van Berkel te Amsterdam de opdracht gegeven binnen de gestelde criteria een kerkgebouw te ontwerpen. Vanaf het begin is het de bedoeling geweest het gebouw op de hoek Nassaulaan/Koningstraat te situeren. Ook de gemeentelijke diensten die hierbij betrokken waren hadden deze voorkeur. Het eerste schetsontwerp voldeed daaraan. Doch door de bezwaren van omwonenden, die fel en omvangrijk waren mee gedocumenteerd met oude bebouwingsvoorschriften uit b.v. 1902, kon dit ontwerp niet verder uitgewerkt worden. Na vele gesprekken met de gemeentelijke diensten als ook de betreffende wethouder werd de gemeenteraad gevraagd in te stemmen met de overschrijding van het bestemmingsplan met 2 meter. De gevraagde instemming werd verkregen. Architect van Berkel kon nu verder met een ontwerp voor de plaats waar nu het kerkgebouw bestaat.
Bij de keuze van een aannemer werd in principe de zelfde werkwijze gevolgd als bij de architectenkeuze. 6 Aannemers hadden zich spontaan aangemeld. Na de gevoerde gesprekken met deze bedrijven koos de BC voor de Regenboogkerk voor het aannemingsbedrijf Karbouw te Amersfoort. Een belangrijk criterium hierbij was dat de aannemers bereid moesten zijn met een open begroting te werken. D.w.z. dat de gekozen aannemer het gebouw zou realiseren voor de genoemde 2,5 miljoen gulden, waarbij de BC volledige inzage zou hebben in de calculatie. Deze methode vereiste het werken in een bouwteam dat dan zou bestaan uit vertegenwoordigers van de opdrachtgever, de aannemer en de architect. Deze werkwijze gaf de garantie dat er tijdens de bouw alleen dan van meer- of minderwerk sprake zou kunnen zijn als dit door het bouwteam was goedgekeurd en daarna schriftelijk vastgelegd. Uiteraard werd ook vooraf bekeken of verwacht kon worden dat de architect en aannemer met elkaar zouden kunnen en willen samenwerken. Gelukkig was dit het geval. Het bleek zo te zijn dat van Berkel en Karbouw al bij de realisering van verschillende bouwwerken hadden samengewerkt.

Interieur
Bij de opdracht aan de BC werd bepaald dat de wijkgemeenten zelf de aankleding en inrichting van hun kerkgebouw zouden mogen verzorgen. Beide wijkgemeenten hadden daartoe een “interieurcommissie” benoemd. Uiteraard werd nauw samengewerkt met de BC. Deze interieurcommissies werkten uiteraard ook met een vooraf vastgesteld budget. Dit budget bestond uit twee delen. Een bedrag vastgesteld door het Centrale College van Beheer en een bedrag wat door activiteiten van de interieurcommissie moest worden bijeengebracht. De interieurcommissie heeft door de zelfwerkzaamheid van de gemeenteleden te activeren een flink bedrag bijeengebracht. De activiteiten van gemeenteleden bestonden uit het installeren van geluidsapparatuur, telefoonleidingen, trekken van draden voor verlichting enz.

Indeling Regenboogkerk
Op de begane grond is de entree, keuken, toiletten, opbergruimten en de kerkzaal. De kerkzaal biedt plaats aan 450 stoelen. Bijzonder aan de inrichting van de kerkzaal is dat het liturgisch centrum niet op een podium is geplaatst, maar op de vloer. De stoelen voor de bezoekers zijn geplaatst op een oplopende vloer met 3 niveaus waardoor de zichtbaarheid van wat in het liturgisch centrum plaats vindt beter kan worden mee beleefd. Op de eerste etage is een stiltecentrum ingericht. Op de tweede etage zijn 7 zalen c.q. kamers voor kerkelijke en andere activiteiten. Drie zalen zijn zo geconstrueerd dat deze tot 1 zaal kunnen worden vergroot.